!
Ton Boot Sunair Oostende (Sander Faassen) 002 1920x1280.jpg
15 oktober 2020

Boot onthult zijn methode

Door Jacob Bergsma

NOORDWIJKERHOUT, 15 oktober 2020 - Vrijdag 16 oktober viert Ton Boot zijn tachtigste verjaardag. Ter gelegenheid van die mijlpaal spoorde PSV-directeur Toon Gerbrands zijn vriend Boot aan om de ‘methode-Ton Boot’ aan het papier toe te vertrouwen. ‘Voorkom de crisis!’ is een boek geworden als Ton Boot zelf: vol bijzondere gezichtspunten en op elke pagina uitnodigend tot nadenken.

Ton Boot sluit de epiloog van zijn boek af met de volgende woorden: “Ik weet niet of alles waar is, maar het heeft wel resultaat opgeleverd.” Dat mag het NBB-Erelid van 2019 met recht zeggen. Boot coachte 23 seizoenen op het hoogste niveau, zowel in Nederland als in België. 23 keer eindigden zijn teams eerste (negen keer), tweede (negen keer) of derde (vijf keer). 19 keer stonden de teams van Boot in de finale van de play-offs. 14 keer werd hij als coach landskampioen.

Het leverde hem in 2000 de eretitel Beste sportcoach van de twintigste eeuw op. Hij bleef in die Volkskrant-verkiezing een van zijn bewonderde voorbeelden voor: Rinus Michels, nota bene in de jaren vijftig een begenadigd basketballer. Als het enigszins kon, dan zat Boot te kijken bij de trainingen van Ajax. Dan bestudeerde hij Michels, Cruijff en Keizer. Boot: “Niet om te kopiëren, maar om hun manier van denken te doorgronden.”

Ton Boot heeft in zijn carrière de denkwijze van vele coaches proberen te doorgronden. In zijn tijd bij Den Helder had het er in sporthal De Slenk soms schijn van dat er een tribunevak speciaal was gereserveerd voor topcoaches uit andere takken van sport. Coaches die hun ‘keuken’ voor Boot openstelden, waren op hun beurt meer dan welkom in de kop van Noord-Holland te ervaren hoe landstitels in het basketball werden bereid. De Hoge School van het trainersgilde bestond uit Louis van Gaal, Hans Jorritsma, Ben Crum, Toon Gerbrands, Joop Alberda, Jan Sjouke van den Bos, Harry Brokking, Ronald Koeman, Co Adriaanse, vader en zoon Selinger, Marco Brouwers, Peter Post, om er slechts een paar te noemen.

De trainingen van het gilde werden door Boot gefrequenteerd tijdens zijn sabbaticals. “Ik begrijp niet, waarom andere coaches dat voorbeeld niet volgen”, verzucht Boot. Voor Ton Boot zelf waren zijn sabbaticals enerzijds een probaat middel om geen burn-out op te lopen. Anderzijds Boot tankte niet alleen energie, maar ook kennis en inzicht.

Dan liep hij rond op het trainingscomplex van Ajax en dook na afloop van de trainingen met Ronald Koeman en Ruud Krol de trainerskamer in om hen als tegenprestatie te scholen in bijvoorbeeld conflictbeheersing. Boot had dan namelijk al lang gesignaleerd dat Zlatan Ibrahimovic even briljant als onberekenbaar was.

Boot doet dat nog steeds graag: zijn kennis delen met anderen. En nog liever gaat hij met zijn toehoorders in discussie. Tegengas vindt hij leuk. Dat prikkelt. En als het prikkelt, ontstaat een scherpe discussie.

Hoewel Boot zijn inzichten met grote regelmaat onbaatzuchtig heeft doorgegeven, heeft hij zijn denkbeelden nooit eerder zo toegankelijk voor een breed publiek gepresenteerd als nu in zijn boek ‘Voorkom de crisis! De methode-Ton Boot’. Het kleine kringetje rond Boot zal vele observaties, conclusies en methodieken bekend in de oren klinken. Maar de basketballiefhebber, die altijd al heeft proberen te doorgronden wat Boot anders-dan-anders maakt, kan in ‘Voorkom de crisis!’ zijn of haar hart ophalen.

Boot erkent in het boek – en dat alleen al is een waardevolle constatering – dat er daadwerkelijk een ‘methode-Ton Boot’ bestaat. Succes bij Ton Boot is geen resultante van toeval. Structureel succes is de resultante van consequent denken en doen. De methode-Ton Boot richt zich bovenal op het voorkomen van een crisissituatie, het voorkomen om met een team in een negatieve spiraal te belanden. Boot: “Het beheersen van het fenomeen ‘negatieve spiraal’ is een absolute voorwaarde om systematisch succesvol te zijn.”

Het zou hier te ver voeren om de volledige theorie van Boot te (proberen te) ontrafelen – koop vooral het boek! De aanpak van Boot maakt zijn zienswijze erg leesbaar. Gedurende zijn 160 pagina’s lange betoog kijkt Boot namelijk voortdurend over zijn eigen schouder en over die van vooraanstaande coaches in andere sporten. Juist die uitstapjes – Boot noemt ze zelf ‘intermezzo’s; hij vertoeft graag in Italië – fungeren als een foto bij het artikel: het beeld dat meer zegt dan de theoretische verhandelingen. Met die anekdotes onderstreept Boot vooral de praktijk van zijn theoretische aanpak.

De werkwijze van Boot is gericht op het creëren van een cultuur van goede gewoonten. Die cultuur floreert slechts bij onvoorwaardelijk vertrouwen. Bij Boot leidt dat tot consequenties die hem vaak niet in dank werden afgenomen. Zo werkte hij altijd zonder assistent (“Er heeft twee keer iemand bij mij op de bank gezeten, maar ik had er geen last van”) omdat hij de complete groep zelf wel de baas kon. En voor reflectie had hij geen klankbord nodig: “Ik ben mijn eigen klankbord.”

Regelmatig – nog steeds – is hij te vinden in de Noord-Hollandse duinen. De beste gesprekken voert Ton Boot er met zijn niets en niemand ontziende alter ego. Vooral Boot zelf wordt naar eigen zeggen niet gespaard. “Ik ben altijd hard voor mijzelf geweest. Tijdens dat joggen door de duinen ontstaat de beste reflectie. Dan krijg ik de beste ideeën.”

Ook typerend voor Ton Boot: contact met de omgeving werd altijd tot een minimum beperkt. Alleen communiceren met de voorzitter: de rest van het bestuur categorisch negeren. “Simpel, want dan ontstaat er ook geen ruis op de lijn.”

Ver voor de coronacrisis was Ton Boot al de bedenker van de ‘bubbel’. Een ‘bubbel’ in het denken, wel te verstaan. De norm in dat denken werd slechts door één iemand bepaald: door Ton Boot zelf. Hij en niemand anders verordonneerde wat de ‘cultuur van goede gewoonten’ inhield. Boot: “Dan is het tenminste eenvoudig en begrijpelijk. Bij Ajax liepen er op een gegeven moment spelers rond van 21 verschillende nationaliteiten. Je kunt niet met iedere cultuur rekening houden. Topsport heeft niets met democratie van doen. Ik ben de norm.”

Hij beseft zich terdege dat hij met die houding de lat voor hemzelf alleen maar hoger heeft gelegd. Maar Boot is in zijn leven geen enkele uitdaging uit de weg gegaan. Boot: “Mijn solitaire houding werd me vaak niet in dank afgenomen. Mijn enige overlevingskans was: winnen.”

Boot legt in ‘Voorkom de crisis!’ uit dat winnen (uiteraard) niet altijd mogelijk is. Wanneer de onderkant van het presteren van een topclub zich nog boven het prestatieplafond van een matig renderend team bevindt, dan is het voor het matig renderende team: mission impossible.

Terwijl Marco van Basten bij de FIFA juist pleitte voor het invoeren van time-outs, doet Boot voor het basketball precies het tegenovergestelde: schaf de time-out af. In de visie van Boot zijn coaches vaak aan het dweilen met de kraan open. Op het moment dat de negatieve spiraal al in werking is getreden, wordt nog slechts geprobeerd de symptomen te bestrijden. Coaches die aan symptoombestrijding doen, zijn volgens Boot per definitie te laat met ingrijpen.

In de ‘bubbel’ was het dan ook usance problemen voor de complete groep te behandelen. Helder en duidelijk voor iedereen, geen mogelijkheid om te schuilen of achteraf zaken te verdraaien. Een tactiek die meteen verwijst naar een scene uit de NOS-documentaire ‘De Kampioenenmaker’. Daarin confronteert Boot in Groningen een nieuwe aanwinst bikkelhard met de discrepantie tussen wat deze Amerikaanse speler zegt en wat hij daadwerkelijk in de trainingen laat zien. Boot werd na die documentaire door menigeen veroordeeld als ‘onmenselijk’. Nu lacht hij erom: “Ik heb er geen seconde minder om geslapen.”

Kom bij hem niet aan met het harmoniemodel. “Ik ga een probleem niet uit de weg. Coaches die dat wel doen, zijn angsthazen. Wat is er tegen een probleem? Wanneer je het oplost doe je met je teamontwikkeling weer een stap in de goede richting. Een probleem is pas een probleem als je het niet oplost.”

Er is maar één ding beter dan het oplossen van een probleem: het voorkomen van een probleem. En hoe dat moet, staat in ‘Voorkom de crisis! De methode-Ton Boot’.

++++++++++

Titel: Voorkom de crisis. De methode-Ton Boot

Auteur: Ton Boot

Uitgever: Arko Sports Media

Pagina’s: 160

Prijs: 19,95 euro

ISBN: 9789054724445

www.sportsmedia.nl

VOORKOM DE CRISIS - OMSLAG 1920x1280.jpg

++++++++++

Ton Boot

Geboren: 16 oktober 1940 te Amsterdam

Speelde in Amsterdam bij DED, The Wolves en Blue Stars en in Den Bosch bij EBBC. Als speler pakte hij vijf landstitels en één beker. Hij was topscorer van de eredivisie en winnaar van de Coca-Cola Trofee. Tussen 1959 en 1973 speelde Ton Boot in totaal 148 interlands.

Boot debuteerde in 1970 als coach bij Blue Stars in Amsterdam, nadat hij door een blessure niet actief inzetbaar was. Van Rinus de Jong kreeg hij in 1978 echter zijn eerste baan als coach, al werden zijn werkzaamheden regelmatig doorkruist door zijn ‘tweede baan’ als gymnastiekleraar. Het eerste jaar was meteen een doorslaand succes: lijstaanvoerder in de competitie, winnaar van de play-offs, coach van het jaar en finalist in de strijd om de Europa Cup II.

Na Den Bosch (twee periodes) coachte Boot in Leiden, Den Helder, Oostende, Amsterdam en Groningen. Bij Den Helder werd Boot de eerste fulltime professionele basketbalcoach van Nederland.

In 1981 leidde hij Oranje gedurende tien duels. De EK-kwalificatie was op voorhand een schier onmogelijke opgave, maar de NBB kon de drie maanden bondscoachschap uitstekend gebruiken als tegenargument dat de kritische Boot nooit een kans was geboden.

Ton Boot coachte in 1189 officiële wedstrijden. Zijn winstpercentage staat op 70,06 procent.

Zijn persoonlijke prijzenkast puilt uit. Sportcoach van de eeuw (2000) vond hij mooi, NOC*NSF Coach van het jaar (2004) vond hij de grootste eer. “Want dat is een prijs die ik na een stemming onder topcoaches heb gekregen.” En dan werd hij ook nog Basketbalcoach van het jaar (zeven keer) en Beste coach van het WK voor clubteams (1982). Ton Boot is Ridder in de Orde van Oranje-Nassau (2006), drager van de Frans Banninck Cocq penning van Amsterdam (2016) en Erelid van de Nederlandse Basketball Bond (2019).